Noord-oosten-Afrika. EthiopieJullie zetelen: Noord-oosten-Afrika
In deze jaren Egypte bezochte en zenden tot toe Kordofana meerdere andere traveler op, maar hun bijdrages in de beta waren zwak. Uitzondering was Jon Pitrik, in 1848 g. Dobravshiisya tot toe Kordofana en bleef er op dolgoe verblijf. Het grotere verrichtingen worden gekomen als vroeg als op jaren na 1848 g. En daarvandaan worden door ons draaiing beschouwd. 1830 g. Is belangrijke povorotnym zetel in De ethiopie onderzoek. Tot toe ditmaal allene interessante was tournee reis Solta (1810 g.). Daardoor zijn koe-die raakte bekend a propos van de noord deel van land; Wat gebieden beroert naar het zuiden en naar het oosten van de plas Tana, die informatie a propos van hen continueerden om nevelig te blijven en draaiden. In 1830-1848 gg. Deze blanks regelde gedeeltelijk om te dempen. In de september 1831 g. In Masaua Riuppel landde, van posvyativshii twee navolgend jaar om in de gebieden naar noordwaarts te werken en naar het oosten van de plas Tana, en in ditmaal Ferre en Galine waren bezet naar de gebieden tussen Khamasenom en Gonder. In 1835-1836 gg. Komb en Tamize, proekhav van Masaua tot toe plas Tana, ligging zocht naar iugo-naar het oosten van de plas onder en zenden tot toe Likobera, terwijl Lefevr in 1839-1842 gg op. OnderZocht gebied tussen Ankoberom en afgrond Tajura. Zodoende, werd blij van vele nieuw materieel betreffende de naar het oosten boord van de hooglanden gewonnen. |